Op de drassige weilanden tussen de dorpjes Koveringen en Wavelen stond een rode feesttent. Naast de tent stond een tap, alwaar men bier in plastic bekers kon aanschaffen. Het jaarlijkse maïs-en-lepelaars-festijn was al vijf dagen geleden begonnen, maar pas vandaag kwamen de eerste bezoekers opdraven. De reden was duidelijk: zangtalent Leo, lokale held van velen, zou een daverend optreden verzorgen. Hij stond al maanden in de regionale hitlijsten met zijn chanson 'Liefde meurt als rode tulpen'. Het was vooralsnog het enige lied op zijn repertoir, hij zong het zo'n acht á negen keer per optreden.
De dorpelingen waren massaal uitgelopen voor hun idool Leo. In een lange rij stonden ze aan de toog, gulzig slokken bier door hun keel gietend. Zo nu en dan klonk een welgemeende boer. Meer had men elkander thans niet te melden. En het was goed zo, er waren de laatste tijd veel spanningen in de streek. Achter een oude iep stond een slechtgeschoren man in een versleten regenjas. Het was dertig graden. Hij tuurde langs de schors van de boom en observeerde. Hij zag alles, immers, hij was niet voor niets privaat detective met een missie.
Aan de tap was het boeren inmiddels overgegaan in een enthousiast kotsen. Aad Lampet, de postbode, braakte over de tot dan toe zo mooi glimmende schoenen van keurslager Jan de Spruiter. "Moet je een bot op je moffel?" bracht de slager met veel moeite, maar evenzogoed dreigend uit. Hij keek zowel Aad als de cynisch lachende banketbakker Joost aan. Van drank gingen zijn ogen altijd scheel staan. "Rustig maar Jan", maanden de zusjes Giraal hem tot kalmte. "Hier, neem nog een pilsje", zei Els Giraal sussend. Willeke Giraal lanceerde hoestend een bruine klodder slijm, die op de pet van Ed Tromp, de huisarts, terecht kwam. Tromp draaide zich woest vloekend om...
"Er gaat wat gebeuren, ik voel het aan mijn jubeltenen", dacht de verscholen detective Tobbe van der Sluis van achter zijn iep. Deze confrontatie zou kunnen leiden tot de oplossing van de reeks mysterieuze gebeurtenissen van de laatste tijd! "Is everybody een beetje happy?!", schalde op dat moment de stem van Leo door de speakers. De feestgangers vergaten op slag elkaar, hun ruzies, frustraties, het bier, de mais, de lepelaars en de kots. Het optreden ging beginnen! Ze verdrongen zich voor het podium, terwijl Leo 'Liefde meurt als rode tulpen' inzette:
"Liefde meurt als rode tulpen / en soms ook andere bloemen / maar als ik jou zie / kan mij dat niets verdoemen"
Laatste reacties